Maatschappelijke trends in het Onderwijs.
Maatschappelijke
onrust en de invloeden op het onderwijs in Nederland.
Afgelopen
week heb ik met collega’s kunnen spreken tijdens een studiemiddag over de
gevolgen van maatschappelijke onrust binnen de huidige en toekomstige
maatschappij. Je zou grofweg een tweedeling kunnen maken binnen het
personeelsbestand als het gaat over onrust in de maatschappij. De ene helft
gelooft niet dat de maatschappelijke onrust een grote invloed heeft op het
onderwijs. De andere helft gelooft daar wel in en is van mening dat we nu al te
maken hebben met invloeden vanuit een onrustige wereld om ons heen. Slechts
twee personen van de 35 hadden geen idee of een mening omtrent dit onderwerp.
De opzet was
om een top vijf lijst te maken met maatschappelijke invloeden op het onderwijs.
Hieronder volgt een opsomming van de meningen.
Maatschappelijke
invloed op het onderwijs
|
|
1
|
Gevoel van
onveiligheid op internet en verharding van meningsuitingen.
|
2
|
Wie kan je vertrouwen,
politiek/banken/politie/overheid etc ?
|
3
|
Minder langdurige
relaties (trouwen) door maatschappelijke ontwikkelingen
|
4
|
Flex contracten geven
werknemers minder zekerheid
|
5
|
Radicalisering van
jongeren
|
Deze top vijf
is door mijn collega’s samen gesteld en zien zij als grootste invloeden op de
maatschappij en daarmee ook op het onderwijs. Binnen onze praktijkschool
krijgen wij vaak te maken met ouders die geen hoger onderwijs hebben genoten.
Veel ouders en verzorgers komen zelf uit achterstand gezinnen en hebben tijdens
hun jeugd weinig stimulans gekregen op sociaal-emotioneel gebied. In de lijn
van traditie starten zij al vroeg relaties en zijn vaak al snel uit huis
vanwege geldproblemen en andere zorgen. In 2015 hebben we in een jaar tijd zes tienerzwangerschappen geconstateerd
waarbij kinderen ( onder 18 jaar !) zelf voor de verantwoording van het
ouderschap komen te staan.
Vanwege hun
lage intelligentie ( I.Q. tussen 60 en 80) zien we zeer regelmatig problemen
tussen leerlingen door het communicatieverkeer via facebook of what’s-App. Het
is voor onze leerlingen moeilijk te beredeneren wat een andere leerling bedoeld
met zijn teksten en vaak worden deze communicatieplatforms misbruikt om andere
leerlingen te pesten of zelfs te chanteren/bedreigen. Hierdoor ontstaat er een
gevoel van onveiligheid op het internet bij leerlingen en ouders spelen daar
niet altijd een positieve rol in. Onder jongeren heerst er een gevoel dat je
wel op internet behoort te communiceren met anderen maar de manier waarop we
met elkaar communiceren raakt steeds vaker vertroebeld en extremer (Boutellier,
2002).
Als
onderwijsprofessionals hebben wij de behoefte om adequaat te handelen in dit
soort situaties. De driehoeksverhouding tussen school, leerling en ouders moet
in de toekomst een belangrijkere rol gaan spelen omdat we elkaar steeds harder
nodig hebben voor een effectieve samenwerking. De school kan het kind niet
alleen opvoeden, daar hebben we de ouders hard bij nodig en andersom.
Hoofdvraag is of alle communicatiemogelijkheden de communicatie onderling wel
verbeteren ?
De
scenario’s van Quest 1 volgens Peter van Dijk
Inleiding:
In dit LA4
hebben we een college mogen volgen van Anje Ros, lector bij Fontys. In dit
college werden de maatschappelijke trends binnen het onderwijs besproken. Mijn
keuze viel voor het onderwerp ontkerkelijking, vervaging van waarden en
normen. Dit onderwerp past geheel in het plaatje van de zorgen binnen
onze school over leerlingen onderling als het gaat over maatschappelijke
invloeden. Wat zijn de waarden en normen voor onze jeugd en hoe kunnen we deze
invloeden op een positieve wijze benaderen om juist de afstand tot elkaar te
verkorten. De social media heeft een grote rol binnen de sociale omgangsvormen
van kinderen naar elkaar en kinderen naar volwassenen.
Waarom vinden
we waarden en normen zo belangrijk ?
Als persoon
wil je met respect behandeld worden door anderen en dat betekent dat er
spelregels moeten zijn over de manier waarop je met elkaar omgaat. Dit is een
van de grote pijlers waarop onderwijs gebaseerd is. Helaas constateren we dat
er in de wereld om ons heen dit respectvol gedrag niet door iedereen
gehandhaafd wordt (SCP, 2015). Om een samenleving te krijgen waarin iedereen
elkaar kan respecteren moeten we samen met ouders en kinderen een plan
opstellen binnen de school over de manier waarop met elkaar omgaan. Verder is
de technologische ontwikkeling zover gevorderd dat we overal ter wereld binnen
no-time live verslag krijgen van allerlei gebeurtenissen en hoe kan je als mens
daar zelf de objectiviteit uit filteren ? Op veel vragen hebben we nog geen
antwoord maar het is tijd dat we daar nog actiever mee aan de slag gaan binnen
het onderwijs.
Invloed van
de vervaging van waarden en normen.
De school is
een openbare ontmoetingsplaats voor jongeren en ouders laten hun kinderen op
school achter met de wetenschap dat hun kind in veilige handen is van de
medewerkers (Boutellier, 2002). Als een leerling vanuit het “niets” een andere
leerling met de vlakke hand in de nek slaat en vervolgens hard begint te lachen
zorgt dit voor veel commotie onder leerlingen. De leerling die geslagen heeft
krijgt onmiddellijk straf en een schorsing aan zijn broek waarna ouders op
school mogen komen om het verhaal nog eens nader uit te leggen. De jongen zegt
dat dit ‘normaal’ gedrag is buiten de school en dat hij dit ook vaak op
internet (you-tube) ziet gebeuren. Ouders zijn geschokt, de school heeft zijn
standpunt uitgelegd en zal met maatregelen komen naar de leerling. De volgende
herhaalt zich ditzelfde incident wel zes keer op school met andere leerlingen,
zij hebben het ook op You-tube gezien.
Wanneer
leerlingen dit gedrag als ‘normaal’ gaan beschouwen hebben we in de
maatschappij een groot probleem. Het is aan school de taak (en ouders) om in te
grijpen en te handelen zodat dit gedrag niet acceptabel gevonden kan worden
door jongeren. We kennen allemaal wel dit soort voorbeelden uit de praktijk, we
moeten als onderwijsverzorgers wel iedere dag opnieuw de grenzen aan blijven
geven om geen grensvervaging te krijgen. In dit geval is het samen met ouders
duidelijk maken wat wij als normen en waarden beschouwen en dat vergt een goede
samenwerking onderling (WRR, 2003). Naast samenwerking met ouders zou er vanuit
het ministerie van OCW een handleiding moeten komen over respectvol gedrag en
omgangsvormen (Bronneman, 2004). Trend binnen meerdere vormen van voortgezet
onderwijs is dat onderwijs en ouders samen gedragsregels beschrijven en laten
ondertekenen door leerlingen om elkaar te wijzen op gedragsregels en
consequenties daarvan. Gelukkig horen we ook geluiden van ouders dat zij het
erg belangrijk vinden dat kinderen goed met elkaar leren omgaan, er is
bereidheid tot meedenken maar vaak weten zij niet de juiste weg te vinden
binnen de school om tot actie te kunnen komen (Beer, 2004).
Conclusie:
Binnen het
onderwijs hebben de professionals een belangrijke rol in het hanteren en
handhaven van normen en waarden (Duyvendak en Hurenkamp, 2004). De wens vanuit
ouders en school is een goede samenwerking om met een gezamenlijk offensief aan
de slag te gaan (Van den Brink, 2004). Dit brengt een nieuwe uitdaging voor het
onderwijs met zich mee die zeer interessant is om verder uit te werken en kan
je beschouwen als een nieuwe trend. Daarbij zijn voor het scenariosjabloon de
volgende drijvende krachten van belang:
1 1. Betrokkenheid
ouders bij het vaststellen van normen en waarden.
2 2. Verantwoording
geven aan jongeren om hier mee om te gaan.
|
|
Literatuurlijst:
Beer,
P. de 2004. Individualisering zit tussen de oren. Amsterdam: van Gennep
uitgeverij.
Boutellier,
H. (2002). De veiligheidsutopie. Hedendaags onbehagen en verlangen rondmisdaad en straf. Den Haag: Boom
juridische uitgevers.
Bronneman,
R. (2004). De Pedagogische opdracht van het Onderwijs. Aangrijpingspunten en
beperkingen. WRR: verkenning 2. Amsterdam: University Press.
Brink,
P. van den (2004). Pleidooi voor een beschavingsoffensief. WRR: verkenning 3.
Amsterdam: University Press.
Dekker,
P.J., de Hart & de Beer, P. (2004). De moraal in de publieke opinie. SCP
onderzoeksrapport 2. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
Duyvendak,
J.W. & Hurenkamp, M. (2004). Kiezen voor de kudde. Amsterdam: van Gennep
uitgeverij.
WRR
(2003). Waarden, normen en de last van het gedrag. Rapporten aan de regering
68. Den Haag/Amsterdam: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.
Amsterdam: University Press.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten